Outback

Hi mates!

Na bijna een maand radiostilte is het weer tijd voor een update. En wat voor één; we hebben er spontaan een pak wijn bij gepakt om alle gebeurtenissen weer een beetje op te rakelen.

In ons laatste verhaal waren we nog druk bezig met de Great Ocean Road. We hebben een erg gezellige week gehad en heel veel mooie dingen gezien. Alleen dit keer geen zonovergoten dagen, maar het weer á la Nederlandse “vries”kou. Gelukkig waren er nog wat nieuw aangeschafte jassen en broeken in de bagage dus konden we die eindelijk eens aan, maar dat waren de voordelen wel. Nederlanders als we zijn; we hebben gewoon alles gezien en gedaan wat we wilden en die storm had eigenlijk wel wat (al dacht Paul in de rolstoel daar wat anders over).

Na de Great Ocean Road kwamen we in Adelaide aan. Hier gingen twee van onze reisbuddies ons weer verlaten tot groot (liefdes)verdriet van de last man standing: Jurian. Wij hebben hem maar even onder onze hoede genomen en samen met hem een hostel geboekt.

Als jullie je het nog kunnen herinneren van het vorige verhaal zouden we in Adelaide gaan werken. Na twee dagen bellen, inschrijven en langsgaan hadden we nog steeds geen werk. Toen we Jur op een gegeven moment hoorden zeggen: “We’ll do EVE-RY-THING. Please help us!!” ging het ons wat te ver en hebben we de werkzoektocht beëindigd. Het alteratief was meteen wat rigoreus, maar dat is het mooie aan reizen zonder plan: we gaan door de Outback naar Cairns (zo’n slordige 5000 kilometer) om daar werk te zoeken. Jurian vond het ook wel een uitdaging dus ging hij gezellig mee!

De volgende dag hebben we met Jur een hele campinguitrusting gehaald en zijn we rustig aan naar Port Augusta gereden. Van hieruit konden we een mooi uitstapje maken naar Flinders Ranges. Aangezien dit National Park nog niet echt in de Outback ligt konden we hier nog een fatsoenlijk wandelingetje maken zonder een complete uitdroging. Jur had echter iets verkeerds gegeten dus dat wandelen ging voor hem wat minder soepel, maar het was de moeite waard!

Na Port Augusta, Flinders Ranges en de supermarkt zijn we met 100 (!) liter water op zak (Tim likes it safe) richting Coober Pedy gereden. Coober Pedy is een klein mijnstadje en ligt voor het meerendeel onder de grond. Als je er rond loopt met dik 45 graden, al zwetend en puffend met de luft van Aboriginals in je neusgaten snap je ook wel dat men niet bovengronds wil leven. We waren er kortom niet dolenthousiast over. Toen een stelletje Aboriginals ook nog eens de ruiten van onze buren hadden ingegooid waren we helemaal klaar met dat Coober Pedy, al was die agressiviteit niet al te vreemd aangezien net díe dag massaal gevierd werd dat de Engelsen hun land hadden afgepakt (Australia Day).

Vluchten willen we het niet noemen, maar de volgende dag zijn we om 5.00 uur vertrokken. Niet alleen om het ‘hoge entertainmentgehalte’ van Coober Pedy, maar ook omdat we die dag 700 kilometer zouden maken naar Uluru, oftewel Ayers Rock. De eerste paar uur in de auto waren niet allerprettigst aangezien het bekend was dat kangeroes in de nacht massaal op de koplampen van auto’s afkomen. Enerzijds hopend dat we er eindelijk eens één zouden zien, maar anderzijds beseffend dat dit dan vol op de autoruit zou zijn, reden we oplettend door de pikzwarte woestijn. Gelukkig niks geraakt, maar rond het middaguur kregen we weer iets nieuws om ons druk over te maken: onze bus had het wat zwaar in de woestijn! De 45 graden en stoffige omgeving werden hem vooral op het heetst van de dag bijna fataal. De motor was steeds oververhit, en als we niet elk half uur even zouden stoppen, had ie het waarschijnlijk niet gehaald tot Uluru. Zo werd het dus nog een aardige rit, vooral met 45 graden en geen airco... Gelukkig hadden we 100 liter water. J

Eenmaal aangekomen op de camping zouden we naar de zonsondergang gaan bij de inmiddels tot ‘kutrots’ omgedoopte Ayers Rock. We waren echter te moe dus hebben we de camping nog een nachtje bijgeboekt zodat we de volgende dag konden gaan. Na een goed nachtje slaap zijn we ’s ochtends naar de Olgas geweest (ook rotsen) en daarna de hele dag in het zwembad gedobberd. ‘s Avonds zoals beloofd naar de zonsondergang en ook al was het wat bewolkt, we vonden het heel erg indrukwekkend. We zijn nog langs (een stukje van) de rots gelopen en ook dit was een geweldige ervaring: wat een inmens groot stuk steen uit het helemaal niets!

Verschillende mensen hadden ons voorbereid op de grote hoeveelheid vliegen in de Outback. We besloten al in Port Augusta een vliegnetje voor over je hoed te kopen, zodat wij daar geen last van zouden hebben. Nou, ‘geen last’ was iets te wishfull thinking: je stapt de auto uit, zwermen vliegen spurren op je af en zoeken een plekje in je neus, mond, oren of de favoriete spot: je oogbal. Dan probeer je zo snel mogelijk je netje uit je tas te gritsen en ‘m over je hoed te vouwen. Als je dan merkt dat er nog dertig vliegen in je netje zitten begint het feest weer opnieuw. Als je een foto ziet waarbij wij geen netje dragen, is dit alleen voor de foto en ging dit gepaard met veel rennen, springen, spugen en lachen. Later hebben we het opgegeven en hebben we gewoon de netjes opgehouden. De hoogtepunten van de dag lagen in het uitlachen van mensen zonder netje en hun jaloerse blikken naar die van ons.

Vóór het vertrek naar Alice Springs zijn we nog naar de zonsopkomst bij Ayers Rock gegaan. Aangezien we er een uur te vroeg waren omdat we het uur tijdsverschil niet helemaal hadden meegekregen, hadden we een mooi plekje vooraan. Toen na een tijdje de touringcars weer wegreden en wij eigenlijk nog steeds de beloofde kleurverschillen niet hadden gezien, zijn we toch maar weggereden (later op de foto's waren er toch wel grote verschillen). Na de zonsopkomst zijn we doorgereden naar Alice Springs. Dit was ‘slechts’ 500 kilometer dus we waren er vrij snel. Het was heel bizar om al die kilometers geen levende ziel tegen te komen en dan ineens een stad te zien. In Alice Springs zijn we naar een origineel telegraaf-station geweest waar de eerste pioniers met morse-codes communiceerden met het zuiden. De volgende dag zijn we naar de West McDonnell Ranges geweest vlakbij Alice Springs waar we prachtige kloven hebben gezien en een stukje hebben gelopen. Een sadist van een mens zei nog dat we alles best op slippers konden lopen, maar toen we drie keer waren opengehaald en gevallen hadden we wel door dat ze de route zelf nog nooit gedaan had.

Nu we Alice Springs ook afgevinkt hadden op ons denkbeeldige to-do lijstje wilden we eigenlijk zo snel mogelijk weg uit de Outback. Hoe indrukwekkend en bijzonder het ook was, na ruim een week heb je de dode dieren en autowrakken langs de weg wel gezien en wil je weer gewoon onder de mensen zijn. We hadden echter nog zo’n 2000 kilometer te gaan dus er lagen nog wel wat stops op de route.

De eerste was Tennant Creek. Een gehucht in de letterlijke middle of nowhere. En uitgerekend hier zijn we gestrand… Onderweg naar Tennant Creek, bij Devils Marbles (bizar ronde rotsen balancerend op elkaar) voelde Maaike zich niet zo lekker. Na één keer overgeven werd al snel de wagenziekte er bijgehaald, maar eenmaal in Tennant Creek was het wel heel vaak rennen naar de wc. Op een gegeven moment werd zelfs het binnenhouden van een slokje water te veel gevraagd, dus was met de 45 graden de uitdroging nabij. Op aanhouden van Tim zijn we toen naar het ziekenhuis gegaan en na twee zakjes infuus was het weer helemaal goed! Een dagje aansterken was wel een goed idee, dus hebben we de volgende nacht een (uitermate afgeragte) cabin gehuurd met airco. Twee nachtjes Tennant Creek was wel weer voldoende dus vol goede moed wilden we de volgende ochtend de auto instappen op weg naar Mt Isa (700 km), maar toen werd Tim niet goed. Helaas had Tim de megajackpot: niet alleen het overgeven, maar ook een soortgelijke substantie uit zijn achterwerk. Met waarschijnlijk hetzelfde virus onder de leden kon ook hij geen enkel hapje of slokje binnenhouden dus konden we weer aankloppen bij het ziekenhuis. De rest van de dag heeft hij heerlijk in een motel kunnen slapen en hebben Jur en Maaike zich noodgedwongen vermaakt in het zwembad (wat ongeveerd zo groot was als een gemiddelde vijver).

De ziektedagen hadden er bij ons alledrie goed ingehakt en we hadden nog net geen visioenen van de kust. De auto voelde blijkbaar goed aan dat we wegwilden, want hij heeft ons in twee dagen moeiteloos van de woestijn verlost!

Na een nachtje Townsville (aan het strand!) zijn we naar Cairns gereden. Hier hebben we drie dagen in een hostel verbleven waar we ons zeer goed vermaakt hebben met feestjes, airco en strand (waar je helaas niet kan zwemmen door de kans op krododillen-attacks en kwallensteken). Na drie dagen waren we genoodzaakt dit paradijsje te verlaten aangezien ons spaarvarken tot een drastisch dieptepunt was gezakt. Nu, terug op het noodles-randsoen, zijn we weer druk op zoek naar werk en hebben we een heuse bananen-pluk carrière in het verschiet. Dit werk ziet er als volgt uit: Tim sjouwt de 70 kilo wegende tros naar Maaike die ze vervolgens netjes in een doosje verpakt. Gelukkig hebben we nog geen verhalen gehoord van een jongen die het werk heeft gedaan en bij het plukken een inmense spin op z’n hoofd kreeg en vervolgens in het ziekenhuis is beland met een knalrood opgeblazen gezicht, DUS WE HEBBEN ER ZIN IN.

In de volgende blog zullen we er waarschijnlijk uitgebreid verslag van doen. 


We genieten hier nog steeds op en top en de tijd gaat veel te snel! We hopen weer van jullie te horen!


Hele dikke kus!


Tim & Maaike



Reacties 10

Matthijs 12-02-2010 11:53

Moeie verhalen hoor luitjes! Wat minder van het ziek zijn natuurlijk. Maar het lijkt alsof jullie nog steeds hard aan het avonturieren zijn! keep it up.

Matthijs

Dieuwie 12-02-2010 16:16

Liefjes, wat een verhaal weer!
Blij dat alles weer goed is met jullie en dat jullie weer in de bewoonde wereld zijn! Vet spannend zeg het avontuur in de woestijn!

Hoop dat we snel kunnen skypen want ik mis jullie ontzettend!

Liefs en heel veel kusjes

Love you!

Judith 12-02-2010 20:38

Wat een geweldig reisverhaal,jullie maken wat mee zeg.
Gelukkig gaat het weer goed met jullie na het ziekenhuis bezoek!Geniet van alles wat nog komen gaat.

Groetjes en we zien jullie volgend reisverhaal met plezier tegemoet!

Judith & Ton x

Jenny 13-02-2010 07:17

Al had ik al het een en ander gehoord via via . Het is leuk om jullie verhalen te lezen. Succes met de bananen.

Liefs Jenny

Phie 13-02-2010 22:21

Leuk lieverds! Fijn dat het beter met jullie gaat nu. En wat grappig dat jullie nu in Cairns zitten. Ik kan me voorstellen dat dat een verademing is na de outback! Gauw skypen! Wil jullie spreken (nu het nog kan )!!! Dikke kus, Phie

katja 14-02-2010 14:12

Wat een verhaal zeg! Gelukkig zijn jullie weer opgeknapt en doet de auto het weer! Dat wordt weer een uitdaging dat bananen plukken! Hopelijk rennen jullie niet weer gillend weg na 2 dagen!

Veel plezier!!! xx

Mp 14-02-2010 20:30

Lieverds! Hoop dat jullie varkentje intussen al wat beter gevuld is met welverdiende centjes!
Spreek jullie snel. Keep having fun! Dikke kus

Passie 15-02-2010 20:35

Wat een verhalen! Prachtig! Fijn te horen dat Tim zo goed op je past Maaikie
KUS

Nienke 05-03-2010 13:32

Hey lieverds,

Op deze vrijdagmiddag op mijn werk even de tijd genomen om jullie verhaal eindelijk weer te lezen. Had al wat verhalen gehoord, maar altijd heerlijk om jouw tekst even te lezen. Wat heerlijk hebben jullie het zeg! En ik ben dol blij dat Tim er bij is aangezien Maaike het anders nooit overleefd had ;-)

Pas op elkaar en geniet er van. We mailen e.d.! Dikke kus

Martine 09-03-2010 20:56

Hallo daar, Wat geweldig om jullie verhalen te lezen, en erg herkenbaar. Tim, ik had je vast wel verteld dat wij in 1996 in Alice Spring zijn getrouwd. Toen zaten we nog goed in de slappe was en hadden een aantal binnenlandse vluchten genomen. Maar jullie doen het veel avontuurlijker! Geniet ervan!!! en ik hoop snel weer wat van jullie te kunnen lezen.
Kus, Martine

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Hier overnachten wij

Gilligan's, Cairns

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer